Download de gratis KHN App

Waar moet u aan denken als u uw uitzendkracht in dienst wilt nemen?

Als u uw uitzendkracht zelf in dienst wilt nemen, waar moet u dan aan denken? KHN geeft antwoord en advies!

Als u een uitzendkracht overneemt van een uitzendorganisatie moet u rekening houden met de ketenbepaling. Een uitzendkracht kan namelijk al langere tijd voor het uitzendbureau werken.

Ketenbepaling
Medewerkers mogen volgens de wet slechts drie tijdelijke contracten in een periode van maximaal 24 maanden krijgen. Een uitzendkracht die bij u gewerkt heeft, heeft sowieso één arbeidsovereenkomst gehad. Namelijk de arbeidsovereenkomst die hij had bij het uitzendbureau. Als de uitzendkracht al langer in dienst is bij het uitzendbureau of vaak ziek is geweest, kan het zijn dat hij al meerdere contracten voor bepaalde tijd heeft gehad. In veel gevallen onstaat er dan een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Let op: Een medewerker kan daar ook met terugwerkende kracht aanspraak op maken. Ga dus na hoeveel contracten de uitzendkracht gekregen heeft en hoelang hij al in dienst is. 

Proeftijd
Ook is het van belang om te weten dat u geen proeftijd meer af mag spreken. Die proeftijd heeft hij al doorlopen. 

Boetebeding
Het kan zijn dat de uitzendorganisatie in uw overeenkomst een boetebeding voor het overnemen van de uitzendkracht heeft opgenomen. Dit boetebeding kan ook van toepassing zijn wanneer het uitzendbureau slechts de werving en selectie heeft gedaan. Controleer dus uw overeenkomst of de algemene bepalingen/voorwaarden van de uitzendorganisatie.

Transitievergoeding
Sinds 1 juli 2015 moet u een transitievergoeding betalen als de arbeidsovereenkomst twee jaar of langer heeft geduurd. De periodes van de opvolgende werkgevers tellen mee. U bent een opvolgend werkgever als een medewerker bijvoorbeeld eerst als uitzendkracht bij u heeft gewerkt en daarna bij u in dienst is getreden. 

Vragen?
Meer weten? Neem dan contact op met de adviseurs van Info & Advies via 0348 48 94 11 of per mail: khnadvies@khn.nl.

Terug
Vraag & antwoord

Wat zijn de regels rondom ouderschapsverlof?

Wanneer heeft een medewerker recht op ouderschapsverlof? Mag u een aanvraag ook weigeren? En hoe zit het bij meerdere kinderen? KHN zet alle vragen en antwoorden op een rij.


Een medewerker kan ouderschapsverlof opnemen voor kinderen tot 8 jaar. Beide ouders hebben recht op ouderschapsverlof. Dit geldt voor eigen kinderen, adoptiekinderen of erkende kinderen. Ook is dit van toepassing voor pleegkinderen, stiefkinderen of aspirant-adoptiekinderen die bij de medewerker wonen volgens de basisregistratie personen.

Hoeveel uren ouderschapsverlof moet ik geven?

Per kind is recht op ouderschapsverlof van 26 keer het aantal uren dat de medewerker per week werkt. Dit betekent als een medewerker 38 uur per week werkzaam is, er in totaal recht is op 988 uren ouderschapsverlof.

Hoe werkt het aanvragen van ouderschapsverlof?

De medewerker moet het ouderschapsverlof, ten minste twee maanden voordat het verlof ingaat, schriftelijk bij u aanvragen. Dit kan ook al direct bij indiensttreding. De medewerker mag zelf bepalen hoe en wanneer het verlof opgenomen wordt en dient dit in het verzoek aan te geven. Dit kan betekenen dat de medewerker bijvoorbeeld alle uren aaneengesloten in één keer volledig wil opnemen of eerst een paar weken verlof opneemt en later gedurende de periode tot 8 jaar de rest opneemt. Uw medewerker kan er ook voor kiezen om de uren te spreiden en wekelijks een aantal uren op te nemen.

Mag ik ouderschapsverlof weigeren?

In principe mag u de aanvraag voor ouderschapsverlof niet weigeren. Dit mag alleen als het verlof uw bedrijf ernstig in problemen brengt vanwege zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen. In dat geval kunt u in overleg met de medewerker een andere verdeling van de verlofuren afspreken. Dit kan tot vier weken voor de ingangsdatum van het ouderschapsverlof. Echter is van zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen niet snel sprake. Als het lastig of duur is om vervanging te regelen wordt dit bijvoorbeeld niet gezien als een zwaarwegend bedrijfs- of dienstbelang. Hetzelfde geldt als projecten komen stil te liggen of als er op grond van afspraken met de ondernemingsraad een bepaalde minimum werkweek geldt.

Hoe zit het bij meerdere kinderen?

Uw medewerker kan voor meerdere kinderen tegelijk ouderschapsverlof opnemen en hoeft dus niet eerst het verlof voor één kind op te maken voor het verlof van een ander kind begint. Bij een tweeling heeft medewerker recht op twee keer ouderschapsverlof.

En met vakantie-opbouw?

Het wettelijk ouderschapsverlofrecht is onbetaald. Daarover wordt dan ook geen vakantie opgebouwd.

En bij ziekte?

Als de medewerker nog werkt naast het ouderschapsverlof en ziek wordt, dan betaalt u alleen de uren die uw medewerker zou werken. Het verlof loopt gewoon door, ook als uw medewerker ziek is door zwangerschap of bevalling.

Einde ouderschapsverlof

Na de periode van ouderschapsverlof heeft uw medewerker weer recht op zijn of haar volledige arbeidsduur per week.

Bent u verplicht om een contract te sluiten met een arbodienstverlener?

Vanaf 1 juli 2017 verandert de Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet). Ook wijzigen dan de voorwaarden voor arbozorg en preventie. Wat betekent dat voor u? En is een contract dan verplicht?

Om werkgevers en werknemers meer te betrekken bij het arbobeleid verandert de Arbowet met ingang van 1 juli 2017. De drie belangrijkste wijzigingen voor horecawerkgevers zijn: de invoering van het basiscontract, de eisen beroepsuitoefening arbodienstverleners en de positie van de preventiemedewerker. Vanaf 1 juli 2017 heeft u nog één jaar de tijd om de contracten en afspraken met de arbodienstverlener aan te passen volgens de wetswijzigingen. 

Voorkom een boete

De Inspectie SZW kan vanaf 1 juli 2018 een boete opleggen aan een bedrijf waarvan het contract met de arbodienstverlener niet voldoet aan de wettelijke eisen. Voorkom een boete en zorg dat u uw contract met uw arbodienstverlener op tijd op orde heeft. Aanpassen kan door middel van een aanvulling op het bestaande contract of door een nieuw contract af te sluiten.

Invoering verplicht basiscontract

Eén van de belangrijkste wijzigingen is de invoering van het basiscontract. U bent verplicht om u bij de volgende werkzaamheden te laten ondersteunen door een arbodienstverlener en hier een basiscontract voor op te stellen:

  1. Deskundige begeleiding bij ziekte;
  2. Het toetsen van de risico-inventarisatie en -evaluatie;
  3. Het aanbieden van een periodiek arbeidsgezondheidskundig onderzoek aan uw werknemers. Dit onderzoek is erop gericht de (gezondheid)risico’s die de arbeid met zich meebrengt zoveel mogelijk te voorkomen/te beperken.
  4. Het aanbieden van een preventief spreekuur. De werknemer moet de mogelijkheid hebben om op eigen initiatief, ook al is er geen sprake van verzuim, naar de bedrijfsarts te gaan.

Eisen beroepsuitoefening arbodienstverleners

Daarnaast worden er vanaf 1 juli 2017 eisen gesteld aan de beroepsuitoefening door de arbodienstverleners en bedrijfsartsen. Voor u als werkgever zijn de volgende punten belangrijk en die moeten ook terug komen in het basiscontract met de arbodienstverlener:

  1. De bedrijfsarts moet in de gelegenheid zijn om de werkplek te bezoeken indien hij dat nodig vindt;
  2. De werknemer moet de mogelijkheid hebben een ‘second opinion’ aan te vragen bij een andere bedrijfsarts. Het deskundigenoordeel bij het UWV blijft ook nog steeds mogelijk;
  3. De bedrijfsarts moet een klachtenprocedure hebben;
  4. De bedrijfsarts (en de andere arbodeskundigen) moeten kunnen overleggen met de werknemersvertegenwoordiging. 

Preventiemedewerker duidelijkere rol

Elk bedrijf moet, nu al en ook als de Arbowet wijzigt, ten minste één werknemer aanwijzen als preventiemedewerker. Bij een bedrijf met 25 of minder werknemers mag de directeur/eigenaar zelf de preventiemedewerker zijn. De preventiemedewerker krijgt vanaf 1 juli 2017 een duidelijkere rol bij de preventie en signalering van gezondheidsrisico’s in het bedrijf. Hij heeft als taak te adviseren aan en samen te werken met de bedrijfsarts en andere arbodienstverleners over de arbeidsomstandigheden in het bedrijf. Daarnaast ondersteunt de preventiemedewerker de werkgever bij het invullen van de Risico-inventarisatie en -evaluatie en het uitvoeren van de maatregelen die daaruit voortvloeien.

De OR/Pvt krijgt instemmingsrecht bij de keuze van de persoon van de preventiemedewerker.

Download factsheet Nieuwe Arbowet 

Download de factsheet Nieuwe Arbowet voor meer info over de Nieuwe Arbowet.

Vragen?

Wilt u meer weten? Neem dan contact op met de adviseurs van Info & Advies via 0348 48 94 11 of mail naar khnadvies@khn.nl.

Mag u foto’s van internet gebruiken voor uw website?

Moet u altijd toestemming vragen als u foto’s of afbeeldingen van internet gebruikt? Hoeveel kost dat? En wat gebeurt er als u dat niet doet? KHN geeft antwoord!

Als u foto’s van internet wilt gebruiken die niet door u zijn gemaakt, houd er dan rekening mee dat u deze foto’s niet zomaar mag gebruiken. Degene die de foto heeft gemaakt, is de eigenaar van de foto. Wilt u een foto gebruiken (bijvoorbeeld afdrukken en verspreiden, plaatsen op uw website enzovoorts), dan moet u dus toestemming vragen aan de maker van de foto.

Vergoeding voor gebruik van foto

In de meeste gevallen mag u de foto gebruiken als u een redelijke vergoeding betaalt. De hoogte van het tarief verschilt per geval. Het kan ook voorkomen dat u toestemming moet vragen aan de personen die op de foto afgebeeld staan. Zorg ervoor dat u bewijs heeft van het verlenen van de toestemming. Ook is het belangrijk dat u bewijs heeft van de betaling. 

Het is niet altijd eenvoudig om de maker van een foto te achterhalen. Als het u niet lukt om de maker te achterhalen, wordt er ook geen toestemming aan u verleend. In dat geval mag u de foto in principe niet gebruiken. Als u toch gebruik maakt van een foto waarvoor u geen toestemming heeft gekregen, loopt u het risico dat u gesommeerd wordt om de foto’s bijvoorbeeld van uw website te verwijderen en alsnog een vergoeding moet betalen.

Vragen? 

Wilt u meer weten? Neem dan contact op met de adviseurs van Info & Advies via 0348 48 94 11 of mail naar khnadvies@khn.nl.

Heeft uw medewerker recht op een loonsverhoging per 1 juli 2017?

Op 1 juli 2017 hebben veel medewerkers recht op een loonsverhoging. Vanaf 1 juli 2017 worden de wettelijk minimum (jeugdlonen) namelijk verhoogd.

Er wordt onderscheid gemaakt tussen vakkrachten en geen vakkrachten in het AVR. Een medewerker die geen vakkracht is, kunt u het wettelijk minimumloon betalen.

Vakkracht

Een vakkracht betaalt u volgens het functiegroepensysteem. De verhoging van het wettelijk minimum(jeugd)loon heeft voor de vakkracht alleen gevolgen in functiegroep I. Voor de overige functiegroepen is er op 1 juli geen verhoging.

Geen vakkracht

Wanneer uw medewerker geen vakkracht is, toetst u het huidige salaris alleen aan het nieuwe wettelijk minimumloon (WML). U moet er dus voor zorgen dat de niet vakkrachten op 1 juli 2017 minimaal het nieuwe WML verdienen.

De loontabel per 1 juli 2017

Download KHN-model AVR loontabel en wettelijk minimumloon 2017: uurlonen en leerlinglonen.

Lees ook

Vragen?

Wilt u meer weten? Neem dan contact op met de adviseurs van Info & Advies via 0348 48 94 11 of mail naar khnadvies@khn.nl.

Ben ik strafbaar als iemand onder de 18 een sigaret in mijn rookruimte opsteekt?

U mag sinds 1 januari 2014 geen sigaretten meer verkopen aan minderjarigen. Maar hoe zit het met (de gelegenheid geven tot) het roken zelf?

Het gebruik van tabak door minderjarigen wordt niet strafbaar gesteld door de wet. Dit betekent dus dat iemand van onder de 18 jaar een sigaret mag opsteken in uw rookruimte of op uw terras. Als u tabaksproducten verkoopt moet u de minimale leeftijd van 18 jaar controleren aan de hand van een geldig identiteitsbewijs.

Rookruimten

Roken is toegestaan in een rookruimte die aan de eisen voldoet en in de buitenlucht.

Veelgestelde vragen rookverbod

De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) heeft op haar site een uitgebreidere lijst van antwoorden gegeven op praktische vragen over het rookverbod, met name over rookruimten en terrassen. Roken in rookruimten en in de open lucht blijft immers toegestaan.

Vragen?

Neem contact op met één van onze adviseurs van de afdeling Info & Advies via 0348 48 94 11 of mail naar khnadvies@khn.nl.