In zak en As(scher)

14-03-2017

Onze kritische noten over het arbeidsbeleid van minister Asscher kunnen u de afgelopen jaren en maanden niet zijn ontgaan. Aan de vooravond van de verkiezingen maak ik graag voor u de balans op van vier jaar nieuwe wetten afkomstig van het ministerie SZW: wetten die van invloed zijn op banen, contracten, seizoenwerk en werkgeversrisico’s in onze sector.

Als we de zaken op een rij zetten dan zijn er in ieder geval drie zaken die we kunnen concluderen: ten eerste lijkt het erop dat deze regering de malafide werkgever als uitgangspunt neemt. Met als resultaat dat de overgrote meerderheid bonafide horecawerkgevers wordt beperkt in hun ondernemerschap. Ten tweede zijn de regels in veel gevallen zwart-wit en niet goed na te leven. De handhaving is strikt, ongenuanceerd en de boetes torenhoog. In de derde plaats gaat de wetgeving te veel uit van het perspectief van grote ondernemingen; de praktijk van mkb-bedrijven - 99 procent van alle bedrijven in Nederland - is ver te zoeken. Ik neem u mee door de praktijk:

Het Waadi-vinkje
In 2012 was daar opeens de inmiddels beruchte Waadi-check. Een horecabedrijf dat personeel via een (intermediair) bedrijf inhuurt – een uitzendbureau of payrollbedrijf – moet via de Kamer van Koophandel (KvK) checken of dit bedrijf op de juiste manier is geregistreerd in het Handelsregister. Deze check moeten ondernemers doen via een vinkje op het KvK-uittreksel van het uitzendbureau. Een ontbrekend ‘Waadi-vinkje’ gaat u niet in de koude kleren zitten: het kost u 13.000 euro per persoon. Ik ken een bedrijf waar tien mensen een dag hebben gewerkt zonder Waadi-vinkje. De rekening: 130.000 euro boete (Ja, u leest het goed). Niet omdat er onjuist werd betaald of zwart werd gewerkt. Nee, omdat de ondernemer vergeten was om het vinkje te checken. Het erge is dat de ondernemer de boete gewoon moest betalen terwijl deze werd aangevochten (u weet hoe dat werkt). Toen de rechter uiteindelijk de ondernemer in het gelijk stelde was de onderneming failliet. En dan heb ik het nog niet eens over de talloze andere horecabedrijven die hier (financiële) schade van hebben ondervonden.

Tewerkstellingsvergunning
In hetzelfde jaar was er ook een strenge handhaving op werken met een tewerkstellingsvergunning. Had u een buitenlandse kok in de keuken aan het werk die een vergunning had om te koken maar het aanrecht stond schoon te maken, dan waren de gevolgen keihard: er werd een boete van 8000 euro opgelegd, de vergunning werd ingetrokken en de kok kon het land uit. Maar dat niet alleen: vervolgens kon de ondernemer vijf jaar geen nieuwe vergunning krijgen. Waarom? De kok deed wat anders dan koken en dát stond niet in de vergunning. Veel horecaondernemers zijn met deze gevallen naar de rechter gegaan en hebben gewonnen op basis van redelijkheid en billijkheid. Laat ik het maar niet hebben over de tijd en het geld dat het hen heeft gekost. Het enige positieve dat hieruit is voortgekomen is dat de formele boetebedragen zijn verlaagd.

Wet werk en (on)zekerheid
Dan de Wet werk en zekerheid. Ook hier gelden strikte regels en ontbreekt de nuance. Als de werkgever een medewerker wil ontslaan moet hij een bijna onmogelijke bewijslast opvoeren. Ook geldt er een algehele scholingsplicht. Dus als een medewerker slecht functioneert, dan kan de medewerker pas ontslagen worden als de werkgever alles eraan heeft gedaan om de scholingsplicht te vervullen. Dan duurt ontslag erg lang en zijn de kosten voor weer die kleine ondernemer te hoog.

Een aantal maanden na invoeren van de Wwz zag Asscher zich genoodzaakt – onder druk van sectoren - een aantal aanpassingen te doen. Deze leken mooi, maar werden weer gebonden aan strikte voorwaarden. Bijvoorbeeld het werkgeversvoorstel om achteraf geen UWV-boetes op te leggen als werkgevers bij ziekte van een werknemer gewoon de adviezen van deskundigen hebben opgevolgd. Dat bleek voor minister Asscher te eenvoudig en werd afgewezen. Het ministerie deed als tegenvoorstel dat ondernemers bij het UWV een tussentijdse controletoets kunnen laten doen. Hier moeten zij wel voor betalen. Het kost dus meer in plaats van minder. Daarnaast geeft het geen zekerheid. Echte verlichtingen als een oplossing voor het risico van twee jaar loon doorbetalen bij ziekte en compensatie voor transitievergoeding bij ziek uit dienst, blijven uit.

SZW: Toets aan het mkb
Met een wisseling van de wacht op het ministerie van SZW – want die lijkt er wel aan te komen – moet wat ons betreft het roer om. MKB Nederland kwam in februari met de zogenaamde MKB-toets onder de slogan Act Small First. Zij zeggen – en daar zijn wij het helemaal mee eens – te veel regelingen zijn geschreven vanuit het perspectief van grote ondernemingen. Terwijl het mkb met 99% van alle bedrijven een heel ander perspectief heeft. Dus: zorg ervoor dat alle wetgeving (dus ook arbeidswetgeving) vanaf nu wordt getoetst voor het mkb. Door ze langs ondernemers, brancheverenigingen en deskundigen te trekken. U begrijpt: KHN staat in de startblokken. Zodra de coalitie is gevormd moet wat ons betreft de Asscher-wetgeving worden getoetst voor het mkb. Dan kunnen we deze regels repareren. Dat is het minste wat het ministerie van SZW kan doen na vier jaren duidelijke signalen naast zich neer te hebben gelegd, vragen en aangedragen oplossingen onbeantwoord te hebben gelaten, en te hebben toegezien hoe bonafide ondernemingen als gevolg van hun wetgeving naar de gallemiezen gingen.

Terug
Download de gratis KHN App

https://twitter.com/khn 787936653616742400