Tips verminderen voedselverspilling

Jaarlijks verspilt de horeca 51.000 ton aan voedsel. Voedselverspilling vindt zowel plaats in de keuken als bij de gast. Een groeiend aantal horecaondernemers is zich hier al van bewust en zet zich proactief in om zo min mogelijk voedsel weg te gooien. Laat u informeren én inspireren door hun goede voorbeelden!

Onderstaande tips van collega-ondernemers vindt u in een overzicht gekoppeld aan de inspanning om resultaat te bereiken.

Inkooptips

  • Een strak inkoopbeleid beperkt voedselverspilling. Als horecaondernemer weet u dat voedselverspilling geld kost. Koop in op basis van ervaringen uit het verleden, weersverwachtingen en opkomstverwachtingen.
  • Maak gebruik van lokale leveranciers of bezoek zelf groothandels en boeren voor regelmatig verse producten. Bovendien kunt u zo kwaliteitsproducten inkopen met een langere houdbaarheid.
  • Maak gebruik van een vaste en kleine kaart. Een kleine kaart helpt u doelgerichter in te kopen, zodat u minder voedsel verspilt.

Ontvangst goederen
Voer een goede controle uit als u goederen:

  • ontvangt bij aflevering
  • afhaalt bij een leverancier
  • inkoopt via een zelfbedieningsgroothandel 

Opslag producten

  • Hanteer een goed koelingbeleid bij opslag van goederen voor behoud van de kwaliteit.
  • Bereid producten voor, voordat u ze opslaat om voedselverspilling tijdens opslag te minimaliseren: producten zoals vlees en groenten koken in een warm water bad en daarna vacuüm opslaan. Dit verhoogt de houdbaarheid van de opgeslagen producten.
  • Let goed op de houdbaarheidsdatum. Er zijn twee soorten houdbaarheidsdata:
  1. Tenminste houdbaar tot (THT): datum tot wanneer de producent of verkoper van het levensmiddel de deugdelijkheid en kwaliteit van het product garandeert. Onder voorwaarden mag u een levensmiddel na het verlopen van de THT datum verwerken en verkopen.
  2. Te gebruiken tot: verplicht voor levensmiddelen te bewaren tussen de 0 en 6 graden Celsius en niet langer houdbaar dan vijf dagen. Overschrijding van deze datum betekent dat u levensmiddelen niet meer mag verwerken of verkopen.

Kijk op de VWA website voor meer informatie over houdbaarheidsdata en uw (on)mogelijkheden.

(Voor)bereiden gerechten

  • Zorg voor goed opgeleid en geïnstrueerd personeel dat bewust werkt aan het minimaliseren van voedselverspilling. Zij  kunnen restproducten van de te bereiden gerechten gebruiken voor andere gerechten. Denk hierbij bijvoorbeeld aan restjes groenten voor het maken van een soepbouillon.
  • Gebruik een apparaat om bijvoorbeeld overgebleven ananas te drogen of van overgebleven tomaat een speciale tomatenmousse te maken.
  • Let op het portioneren van producten bij de bereiding: sauzen maakt u bijvoorbeeld meestal in grotere hoeveelheden en serveert u vaak in kleinere hoeveelheden op borden. U kunt deze sauzen geportioneerd inpakken zodat u iedere verpakking afzonderlijk op een bord kunt serveren samen met de vlees-, vis-, groente- en/of zetmeelcomponent.

Presenteren en serveren

  • Minimaliseer garnering en supplementen. Dus serveer minimale supplementen als aardappels en groenten in aparte schaaltjes bij het hoofdgerecht. Uw gasten kunnen wel extra supplementen bijvragen wanneer ze willen.
  • Laat producten meerdere malen terugkomen op de menukaart. Denk aan: broodje zalm met bosui, pasta met zalm en paprika en een paprikasoep met bosui.

Aandacht voor menu-engineering.

  • Laat uw bedienend personeel de wensen van uw gasten inzichtelijk maken. Bijvoorbeeld voor geserveerde hoeveelheden. Zo kunnen zij aan gasten vragen die niet alles hebben opgegeten, of het gerecht niet beviel of juist te omvangrijk was.
  • Mocht blijken dat bijvoorbeeld senioren moeite hebben met de geserveerde porties. Overweegt u dan bijvoorbeeld om naast hele porties ook halve porties op de kaart te zetten.

Meer informatie
Download deze PDF's:

Terug
Tools
Cursussen
Ledenvoordelen