Download de gratis KHN App

Meest gestelde vragen over bedrijfshulpverlening

Antwoorden op de meest gestelde vragen over Bedrijfshulpverlening.

Wat is bedrijfshulpverlening (BHV)?
Bedrijfshulpverlening komt voort uit de arbeidsomstandighedenwet en het arbeidsomstandighedenbesluit. De taak van een bedrijfshulpverlener is vooral: erger voorkomen. Bedrijfshulpverlening is bedoeld om, tijdens situaties die gevaar opleveren voor de veiligheid en gezondheid, letsel en schade van werknemers en derden zoveel mogelijk te voorkomen en te beperken. De voornaamste taken van de bedrijfshulpverlener zijn:

  • Verlenen van eerste hulp bij ongevallen
  • Beperken en bestrijden van een beginnende brand
  • Voorkomen en beperken van ongevallen
  • In noodsituaties alarmeren en evacueren van alle werknemers en andere personen in het gebouw
  • Alarmeren van en samenwerking met de gemeentelijke of regionale brandweer en andere hulpverleningsorganisaties bij een beginnende brand of bij een ongeval

Wat zegt de wet?
In de Arbowet, opgesteld door het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, staan de wettelijke eisen waar een bedrijfshulpverlener aan moet voldoen. Sinds 1 januari 2007 is dit artikel uit de Arbeidsomstandighedenwet aangepast en de eis van 8 uur herhaling per 2 jaar is komen te vervallen. In artikel 15 lid 3 staat nu:

De bedrijfshulpverleners beschikken over een zodanige opleiding en uitrusting, zijn zodanig in aantal en zodanig georganiseerd dat zij de in de Arbowet genoemde taken naar behoren kunnen vervullen.

Dit artikel geeft echter niet aan wat "naar behoren" inhoud. Derhalve worden de oude regels nog wel als leidraad gehouden maar dit is niet meer verplicht. De oude regels zijn als volgt.

Om de twee jaar worden per aangewezen werknemer ten minste acht uur besteed aan herhalingscursussen en oefeningen of andere activiteiten. Hiervan wordt een registratie bijgehouden [Arbobeleidsregel 2.21].

Voor bedrijfshulpverleners worden herhalingscursussen en oefeningen of andere activiteiten georganiseerd waaraan de bedrijfshulpverleners deelnemen. Deze cursussen, oefeningen of activiteiten zijn van een zodanige inhoud en frequentie dat de kennis en vaardigheden van de bedrijfshulpverleners op het voor een adequate bedrijfshulpverlening vereiste niveau gehandhaafd blijven [Arbowet artikel 2.22].

Waar moet een goede bedrijfshulpverlening aan voldoen?
Taken en verplichtingen staan beschreven in de arbowetgeving. Ten eerste moet u, wanneer u personeel in dienst heeft, een Risico Inventarisatie- en Evaluatie (RIE) opstellen. Deze RIE zal als basis dienen om te bepalen welke maatregelen en voorzieningen van belang zijn voor de veiligheid. Zo volgt er uit de RIE wat de risico's zijn, wie de bedrijfshulpverleners zijn en welke officiële hulpverleningsorganisaties gewaarschuwd moeten worden bij dreigende calamiteiten. Ook dient u een ontruimingsplan voor calamiteiten op te stellen. Als u eenmaal bedrijfshulpverleners heeft aangesteld en opgeleid, dan zal er ook een goede communicatie moeten zijn. Werknemers moeten weten wie de bedrijfshulpverleners zijn en wat de vluchtwegen zijn. Verstandig is het om met het personeel regelmatig een ontruimingsoefening te organiseren. 

Aan welke eisen moeten mijn bedrijfshulpverleners voldoen?
Een bedrijfshulpverlener moet zo snel mogelijk ter plaatse kunnen zijn (binnen een aantal minuten). Het is dus verstandig te kiezen voor medewerkers die vaak op de werkvloer zijn. U kiest het best voor medewerkers die doortastend en stressbestendig zijn. De bedrijfshulpverlener moet voldoende kennis hebben om de taken, zoals hierboven benoemd, goed te kunnen uitvoeren. De overheid heeft een opleidingsprofiel voor bedrijfshulpverleners ontwikkeld. Uit uw RIE moet blijken of dit opleidingsprofiel voldoende is of dat er volstaan kan worden met een vereenvoudigde versie. In sommige gevallen kan de RIE aantonen dat er bedrijfshulpverleners met gespecialiseerde vaardigheden nodig zijn. Uw arbodienst kan u hierin ook ondersteunen.

De keuze van een opleidingsinstituut is vrij. Maar als u bijvoorbeeld iemand in dienst heeft die al in het bezit is van een EHBO diploma, dan kunt u er ook voor kiezen deze persoon alleen op het gebied van brandbeperking- en bestrijding, ontruiming en de interne procedures bij een calamiteit bij te scholen. Of u organiseert zelf een opleiding in samenwerking met de plaatselijke brandweer en het rode kruis. Er zijn dus diverse mogelijkheden om aan de wet te voldoen, zolang u er maar voor zorgt dat de BHV-ers voldoende zijn opgeleid en u heeft vastgelegd hoe ze zijn opgeleid. De arbeidsinspectie zal u naar deze schriftelijke registratie vragen!

Hoeveel bedrijfshulpverleners (BHV'ers) heb ik nodig?
Er zijn geen wettelijke normen voor het minimale aantal BHV'ers in een bedrijf. Meestal wordt het aantal benodigde BHV’ers  gebaseerd op de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E). Ook moet u als werkgever rekening houden met het type bedrijf, de ligging, de grootte en het aantal aanwezige gasten.

Iedere werkgever met tenminste één medewerker is verplicht een BHV’er aan te stellen. In kleine bedrijven kan de ondernemer zelf de BHV’er zijn. U moet dan zorgen dat u uzelf en uw gasten bij een calamiteit snel in veiligheid kunt stellen. Bij uw afwezigheid moet er een vervanger zijn om aan de eis te voldoen dat er altijd een BHV’er aanwezig is.

Op basis van de RIE stelt de werkgever het juiste aantal bedrijfshulpverleners vast. Zorg voor voldoende BHV’ers  zodat er -rekening houdend met ziekte, vakanties of ploegendienst - altijd een BHV’er aanwezig is.

De werkgever blijft altijd eindverantwoordelijk voor de bedrijfshulpverlening en kan aansprakelijk gesteld worden bij incidenten met een onnodig slechte afloop. De Inspectie SZW houdt toezicht op arbeidsomstandigheden en kan een boete opleggen als de bedrijfshulpverlening in een onderneming niet in orde is.

Is een herhalingscursus bij een opleidingsinstituut verplicht?
Nee, een herhalingscursus is niet verplicht. De wet zegt dat de bedrijfshulpverleners beschikken over een zodanige opleiding en uitrusting, zijn zodanig in aantal en zodanig georganiseerd dat zij de taken zoals genoemd in de Arbowet naar behoren kunnen vervullen. U kunt voldoen aan deze verplichting door bijvoorbeeld brandoefeningen te organiseren voor uw personeel of iemand van het rode kruis uit te nodigen voor uitleg. Als u een ontruimingsplan moet hebben, dan moet u ook regelmatig de ontruiming oefenen. Advies is om dit minimaal 1 keer per jaar te doen (en te registreren!). Als u er maar voor zorgt dat de kennis BHV up-to-date blijft. Dat u voldoende tijd besteedt aan het bijscholen van uw medewerkers moet u kunnen aantonen door een vorm van registratie. Dit kan bijvoorbeeld door het tonen van een bevestiging van de brandweer dat er een brandoefening is geweest, een verslag waarin staat dat u BHV heeft behandeld tijdens een werkoverleg, een certificaat van een cursus etc.

U kúnt de BHV-ers ook een herhalingscursus bij een opleidingsinstituut laten volgen, maar dit is dus slechts 1 van de manieren om aan de wet te voldoen.

Opleidingsinstituten die zeggen dat een certificaat van de herhalingscursus maar 1 jaar geldig is, zeggen dit vanuit commerciële grondslagen en niet vanuit wettelijke grondslagen. Ze zien liever dat uw BHV-ers elk jaar bij hen op cursus gaan.

Welke alternatieven zijn er voor het volgen van een herhalingscursus?

  • Samen met de vrijwillige brandweer een blusoefening organiseren met uitleg;
    ontruimingsoefening met brandweer
  • Bezoek brandweer en gezamenlijk oefenen
  • lk werkvergadering er aandacht aan geven
  • Per kwartaal de BHV-ers bijeenroepen en gezamenlijk laten oefenen, zodat zij van elkaar kunnen leren
  • Bedrijven met brandmeldinstallaties kunnen bij service beurt de melder checken en een praktijkoefening doen
  • Per BHV-er een werkopdracht laten doen voor het calamiteitenplan, zo blijft deze ook up-to-date
  • Elke BHV-er om de beurt 1 keer per maand de uitgangen en de blusapparaten laten controleren aan de hand van het calamiteitenplan
  • Elke BHV-er om de beurt 1 keer per maand de EHBO dozen laten controleren en bijvullen aan de hand van het calamiteitenplan

Bovenstaande punten zijn slechts suggesties. Let er op dat u registreert wat u allemaal heeft gedaan aan opleiding en opfrissing voor de BHV-ers, de arbeidsinspectie zal hier bij controle naar vragen.

Wie is er verantwoordelijk voor BHV-ers bij catering of andere partijen buiten de deur?
In de wet is dit niet duidelijk geregeld. Op het moment dat er meerdere werkgevers verantwoordelijk zijn voor dezelfde situatie, dan is het aan te raden hierover gezamenlijk te overleggen. Uiteindelijk blijft wel iedere werkgever verantwoordelijk voor zichzelf en zijn eigen werknemers. U zult dan moeten zorgen dat u een plan heeft dat voorziet in dit soort situaties. In dit plan wordt de veiligheid van alle gasten en werknemers gewaarborgd. Dit plan is opgenomen in de RIE en wordt getoetst door de arbodienst.

Hoe zit het met BHV-ers als er 's nachts geen werknemers aanwezig zijn in een hotel?
Ook hiervoor geldt dat dit afhankelijk is van hoe u de veiligheid van de gasten heeft geregeld. U moet de veiligheid van uw gasten kunnen waarborgen en dit omvat meer dan alleen een aantal BHV-ers. U heeft dit geregeld in een plan dat is opgenomen in de RIE.

Terug

https://twitter.com/khn 787936653616742400