Wat is het verschil tussen een vakkracht, geen vakkracht, een invalkracht en een seizoenkracht?

In de horeca cao wordt onderscheid gemaakt tussen een vakkracht, geen vakkracht, een invalkracht en een seizoenkracht. Afhankelijk van tot welke categorie een medewerker gerekend wordt, is het van invloed op de hoogte van het loon of het soort contract dat u met de werknemer afspreekt. Wat is voor uw medewerker van toepassing? KHN geeft antwoord.

Vakkracht

Een vakkracht is een medewerker die vakbekwaam is. Dat wil zeggen dat hij aantoonbaar voldoende ervaring heeft opgedaan in de functie. Daar is in ieder geval sprake van als de medewerker bij de eigen werkgever 1976 ervaringsuren in dezelfde functie heeft opgebouwd. Ervaringsuren worden pas opgebouwd vanaf het moment dat de medewerker 18 jaar oud is. Tot 18 jaar geldt er een schoolplicht voor jongeren.

De vakkracht heeft recht op het basisloon van de loonschaal die hoort bij de functiegroep waarin hij is ingedeeld. Als de vakkracht nog geen 22 jaar is (en dus nog niet vak-volwassen is) heeft deze recht op een bij de leeftijd horend percentage van dit basisloon. U vindt dit terug in de loontabellen bij de cao.

Geen vakkracht

Op het moment dat uw medewerker nog niet de vereiste ervaring (1976 ervaringsuren) heeft opgedaan is hij ook geen vakkracht. In de arbeidsovereenkomst moet u aangeven hoeveel ervaringsuren nog opgebouwd moeten worden voor de medewerker wel vakkracht is. Vergeet vervolgens niet om bij te houden hoeveel uren de medewerker aan ervaring opbouwt.

De niet-vakkracht heeft geen recht op een loon op basis van de functieschaal van de loontabel, maar ontvangt minimaal het wettelijk minimum (jeugd)loon. Ook heeft deze medewerker geen recht op de feestdagentoeslag.

Of u de medewerker aanmerkt als vakkracht of geen vakkracht, is uitsluitend van belang voor de bepaling van de hoogte van het (minimale) loon dat u de werknemer in die functie moet betalen en of de medewerker recht heeft op feestdagenregeling. Het zijn van vakkracht heeft geen invloed op het soort contract dat u met de medewerker afsluit. 

Invalkracht

Een invalkracht, ook nog wel oproepkracht genoemd, is een medewerker die werkzaamheden verricht van incidentele aard en geen vaste omvang hebben. De invalkracht zal per periode van 52 weken voor ten minste 156 uren werk worden aangeboden.

Voor alle duidelijkheid; het betreft hier dus niet een afzonderlijke categorie medewerkers. Een medewerker die invalkracht is met een 'arbeidsovereenkomst invalkracht' kan wel of geen vakkracht zijn. Voor een invalkracht bestaat een ander model arbeidsovereenkomst. 

Let op! Als na drie maanden alsnog sprake blijkt te zijn van een vast aantal uren of een vast patroon, kan de medewerker u verzoeken de arbeidsovereenkomst aan te passen en daarin het vaste aantal uren of het vaste urenpatroon vast te leggen. Voor invalkrachten geldt een afzonderlijke regeling.

Seizoenkracht

Een seizoenkracht werkt slechts gedurende een bepaalde periode van het jaar wanneer daar behoefte aan is. Het seizoensmatige karakter van de werkzaamheden moet voortvloeien uit klimatologische of natuurlijke omstandigheden waardoor het werk niet meer dan 9 maanden in het jaar voor die medewerker beschikbaar is.

In de arbeidsovereenkomst die u afsluit met de seizoenkracht moet u duidelijk omschrijven in welke periode (het seizoen) de medewerker werkt en welke periode niet. Buiten het afgesproken seizoen kan de medewerker geen aanspraak maken op werk en/of uitbetaling van loon. 

Let op: Als u dezelfde medewerker buiten dat seizoen bijvoorbeeld incidenteel laat werken, dan is er dus wel werk in meer dan 9 maanden voor die medewerker beschikbaar. De uitzondering op de contractenreeks bij een seizoenkracht, waarbij de onderbreking 3 maanden mag zijn, kunt u dan niet toepassen

Vragen?

Heeft u vragen over dit onderwerp? Neem dan contact op met de adviseurs van Info & Advies via 0348 48 94 11 of per mail: khnadvies@khn.nl.

Terug
Download de gratis KHN App

https://twitter.com/khn 787936653616742400